Soms lijkt het alsof ik altijd op de tweede plek sta. Niet omdat iemand me daar bewust neerzet, maar omdat ik mezelf daar neerzet. En dat is het meest pijnlijke stuk van het verhaal. Ik heb jarenlang gedacht dat als ik maar voldoende gaf, genoeg lachte en vooral zorgde dat ik vanzelf op de eerste plek zou komen te staan bij de mensen die ik liefheb. Alsof liefde een soort klantenkaart heeft: 10 keer geven = 1 keer ontvangen. Maar zo werkt het helaas niet. Ik ben iemand die het oprecht goed wil doen. Voor iedereen. Voor mijn gezin, voor mijn vrienden, voor mensen die ik soms amper ken maar die toevallig op het juiste (of verkeerde) moment in mijn leven staan. En in dat proces ben ik één iemand keer op keer vergeten: mijzelf. En ja, dan zeggen mensen vaak: “Je moet wat meer egoïstisch zijn.”
Maar daar zit ook weer een valkuil in. Want als ik egoïstisch ben, ben ik het vooral richting mezelf. Ik laat mezelf schrikbarend snel vallen wanneer iemand anders iets nodig heeft. Ik sta meteen klaar, deur open, hart open, tijd vrijgemaakt. En ik gun het mensen. Echt. Maar ergens, heel zacht, fluistert er iets: Wie staat er eigenlijk klaar voor mij? En dan kom je op dat punt. Het punt waarop je merkt dat sommige mensen helemaal geen plek voor je hebben, behalve wanneer er bij hen iets ontbreekt. Een tijdelijk gemis, een leegte, een behoefte. En jij wordt dan het pleister. Of het glas water. Of de schouder. Maar zodra hun honger gestild is, vertrekken ze weer. En jij blijft achter.
Misschien herken je dat wel: iemand nodig hebben die jou alleen nodig heeft om even zijn of haar tijdelijk gaatje te vullen. Het doet pijn om dat te beseffen. Maar weet je wat pijn nog pijnlijker maakt? Als je het blijft toestaan.
Dus ja… ik heb vandaag in de spiegel gekeken. En eerlijk? Ik vond het ongemakkelijk. Want daar stond iemand die veel sterker is dan ze zich voordoet. Iemand met liefde in overvloed, met dromen die groter zijn dan haar angsten. Iemand die een dochter opvoedt in een wereld die soms hard en luid is en haar wil leren hoe zacht kracht eigenlijk is. Ik ben meer waard dan tweede zijn. Ik ben meer waard dan ingevuld worden op basis van andermans leegtes. Ik ben een vrouw met een toekomst, met doelen, met vuur. En vanaf nu ga ik mijn energie, mijn tijd, mijn liefde investeren in wat blijft. In mijn dochter. In mijn gezin. In mijn groei. In mij. Niet omdat ik hard word. Maar omdat ik eindelijk lief ga zijn voor mezelf.
Reactie plaatsen
Reacties